fbpx

mijn leven met chronische pijn – een ziek pubermeisje

by Laura
Mijn leven met chronische pijn - ziek pubermeisje

Dat ik chronische pijn heb, dat weet je inmiddels wel. Daar deel ik wel vaker over. Ik heb inmiddels mijn weg gevonden naar een gelukkig leven met alle uitdagingen die erbij horen. Daar heb ik zelfs een hele training over gemaakt, zodat ik daar anderen mee kan helpen.

Maar ik krijg vaak de vraag van mijn volgers welke aandoeningen ik allemaal heb. Dus ik vond het wel eens tijd om mijn verhaal te delen. Aangezien ik inmiddels al meer dan 30 jaar chronische pijn heb, doe ik dat in meerdere blogartikelen. Te beginnen bij het begin: een ziek pubermeisje. 

geef mij maar een pyjama 

7 december 1992. Ik was jarig! 17 jaar werd ik. Toen mijn zus een paar weken ervoor vroeg wat ik voor mijn verjaardag wilde hebben, antwoordde ik ‘Doe mij maar een pyjama, ik lig toch alleen maar in bed’. Op je 17e jaar zou je het leven moeten vieren. Uitgaan dat deden mijn vriendinnen en vrienden. ’s Nachts kreeg ik serenades onder mijn raam ‘Miiiiiiiiiii’. Ik kon er wel om lachen. Het was lief dat ze me niet vergaten. Maar een blije puber was ik alles behalve. Ik was een ziek pubermeisje.

altijd hoofdpijn

Ik had vanaf mijn 14e jaar iedere dag hoofdpijn. Plus de ene migraine aanval na de andere. Mijn leven bestond uit pijn, onzekerheid, een minderwaardigheidscomplex, angst, onderzoeken, artsbezoeken, medicijnen (vaak met vreselijke bijwerkingen) en dan moest ik ergens tussendoor nog naar school. Ik ging er gelukkig vrij gemakkelijk doorheen. En in het begin kon ik de pijn goed negeren en ging ik nog redelijk vrolijk door het leven. 

Maar in de derde klas van de MAVO kwam ik in de bespreek fase. Ik stond er niet eens zo slecht voor, maar toch lieten die kl**tzakken me zitten. Totaal geen gevoel voor wat er speelt in een puberbrein van een onzeker meisje. En daarna ging het mis. Vooral mentaal. En dat had ook invloed op de fysieke klachten.

ik had gefaald

Het blijven zitten gaf zo’n ontzettende knauw in mijn zelfvertrouwen, dat al zo wankel was, maar dit was de genadeklap. Ik weet het nog precies. Ik was aan het werk bij de bakker. Ging tussen de middag naar huis om te eten en mijn moeder vertelde dat mijn mentor gebeld had en dat ik was blijven zitten. Dikke tranen rolden over mijn wangen. Ik was niet perfect. Ik had gefaald. 

Daarna weer stoer terug naar mijn werk gegaan, maar ik kon ook daar mijn tranen niet bedwingen. Ze waren erg lief. ‘Ga jij maar lekker in de bakkerij, de Koekenbakker helpen.’ En zo werden Jan de Koekenbakker en ik dikke vrienden. De hele middag rolden de tranen over mijn wangen en van Jan kreeg ik schouderklopjes. We zijn altijd maatjes gebleven.

dieptepunt

Dat was het begin van een zware tijd. De tweede keer derde jaar was ik bijna niet op school en ik haalde het evengoed gemakkelijk. Waarom hebben ze me dan laten zitten… Maar mentaal ging het steeds slechter. Laatst zag ik de schoolfoto terug van mijn examenjaar. Wat zag ik er ongelukkig uit en ik weet nog precies hoe ik me voelde. Niet lang daarna stopte ik ook, in mijn examenjaar. Mijn migraine was chronisch, evenals de hyperventilatie. Ik was op. Het was tijd voor hulp van de GGZ. Ik vroeg of ze me niet op konden nemen. Ik was zo moe. ‘Kan ik niet naar een rusthuis, weg van alles’. Dat was natuurlijk niet de oplossing.

Zo begon mijn eerste ervaring met chronische pijn. Deze chronische pijn werd veroorzaakt door chronische migraine (vastgesteld door de neuroloog) in combinatie met spanningshoofdpijn en hyperventilatie. Ik was een ziek pubermeisje met daarnaast de nodige mentale uitdagingen. Met op mijn 17e verjaardag het dieptepunt.

parijs

Gelukkig knapte ik in de zomer van 1993 weer op. Ik ging met 4 vriendinnen naar Parijs! Parijs heeft mij gered. Ik houd nog steeds veel van die stad. Hyperventilerend en al ging ik. Maar ik ging. Ik genoot van de stad. Lachte met mijn vriendinnen en kreeg aandacht van Parijse boys. En eerlijk, dat voelde wel even goed. Dat ik goed genoeg was om aandacht van anderen te verdienen.

Nu weet ik best dat aandacht van anderen je niet definieert als persoon. Maar hé, ik was een onzeker pubermeisje. Mijn lijf werkte niet mee, nog steeds niet trouwens ;). Maar ik wist niet hoe ik daar mee om moest gaan. Logisch, want als puber moet je lekker uitgaan, dansen, lachen en natuurlijk zo nu en dan op je bek gaan en worstelen met gevoelens. 

onbegrip

Maar ik was thuis, lag de helft van de tijd in bed. Soms was ik zo angstig dat ik niet durfde te slapen. Dan mocht ik naast mijn moeder slapen en ging mijn vader in mijn bed. De liefde van mijn ouders heeft me er echt doorheen geholpen. 

Want wat was er een hoop onbegrip. Op school, van vriendinnen, van familie. En dat begrijp ik ook wel. Wanneer ik nu zo terug kijk was ik ook moeilijk te pijlen. Ik kon het ook niet goed uitleggen, schaamde me ook, dus ik trok me steeds meer terug. Mijn ouders waren mijn anker. Mijn moeder had eindeloos geduld en begrip. En stapje voor stapje kwam ik uit het diepe dal.  

moedermavo

En zo ging ik na mijn trip naar Parijs weer naar school om mijn MAVO diploma alsnog te halen. Ik ging naar de ‘moedermavo’. Daar kwam ik meer jongeren tegen waarbij het allemaal niet zo voor de wind ging. Ik merkte dat ik niet de enige was. Ik zat ook niet meer in Medemblik op school. Waar het oordeel veel groter was. Hier kenden de mensen mij niet. Ik zat tussen jongeren van mijn leeftijd en vrouwen die mijn moeder hadden kunnen zijn. En ik vermaakte me prima. Ik bloeide op. Met 2 vingers in mijn neus slaagde ik voor mijn MAVO. En het leven werd weer steeds leuker.

grote liefde

Ik ging weer naar de kroeg, naar feestjes, ging naar concerten, naar Utrecht, naar Amsterdam en naar een optreden van een Doors tribute band. De zanger van de band, dus degene die Jim Morrison vertolkte zat flink met me te flirten. Nu moet je weten dat ik echt fan was van de Doors en een mega grote poster van Jim Morrison boven mijn bed hangen. Dat was dus even goed voor mijn ego. Diezelfde avond zat er ook een ander figuur achter mij aan. Probeerde me steeds te zoenen, maar dan dook ik snel onder zijn armen door weg. Dat was Martijn. Mijn grote liefde. Maar daar dacht ik toen nog anders over.

Ik was 18 en het ging weer goed met me. Ik had de angsten grotendeels overwonnen. Nog steeds migraine, maar de dagelijkse hoofdpijn verdween naar de achtergrond. Ik werd verliefd. Verliefd op Martijn en we gingen een mooie zomer tegemoet. Met veel feestjes, nachtelijke zwempartijen en de liefde. Het leven lachte me weer toe en ik genoot. Tot op een avond mijn wereld weer op zijn kop stond…

Dit vind je misschien ook leuk

Laat een reactie achter